‘Verkiezingen … en stemmen’ : in ons Karmelklooster

In deze weken van opnieuw zoveel mogelijk “in ons kot blijven” wil ik enkele ongekende plekjes of gebruiksvoorwerpen in ons klooster voor de schijnwerper brengen en duiden. 
Ik probeer daarbij telkens een verbinding te vinden naar iets wat ons deze dagen bezig houdt. Hopelijk laat het jullie kennismaken met aspecten uit het leven in ons klooster
 

***

 
De voorbije week stond in het teken van ‘verkiezingen’. Verkiezingen in de Verenigde Staten van Amerika. Of we het nu toegeven of niet … die verkiezingen hebben ons allemaal toch wel een beetje in hun ban gehouden. Tot zelfs hier in Europa en Vlaanderen was er de aanhang voor de beide presidentskandidaten. Wat me ook opviel: de oproep aan Amerikanen om toch te gaan stemmen voor, wat men ondertussen, ‘historische verkiezingen was gaan noemen.

Ook ik heb het via internet wel een beetje gevolgd, want onbelangrijk waren deze Amerikaanse verkiezingen niet.
 
Het doet me ook even mijmeren over verkiezingen en stemmen. In België kennen we ‘stemplicht’. Dat is niet overal zo. En eigenlijk is het recht om te kunnen stemmen een recente verworvenheid. Bij de oprichting van België was er het systeem van het ‘cijnskiesrecht’: enkel wie een bepaalde som aan belasting betaalde had kiesrecht.

Tussen 1893 en 1918 was het algemeen meervoudig stemrecht van kracht. Hierdoor had elke mannelijke Belgische burger van 25 jaar of ouder minstens één stem, een of twee extra stemmen waren mogelijk ofwel naargelang zijn opleidingen, ofwel naargelang de cijns die hij betaalde, ofwel een combinatie van beide. 

De eerste wereldoorlog werd echter een keerpunt en drastische hervormingen waren niet meer tegen te houden. Het enkelvoudig stemrecht voor mannen vanaf 21 jaar werd vanzelfsprekend. Anders was het met het stemrecht van vrouwen. Men vreesde dat dit de dominante positie van de katholieken alleen maar zou versterken. Men dacht dat vrouwen te veel onder invloed stonden van de kerk. Het compromis bestond erin om vrouwen stemplicht te geven voor gemeenteraadsverkiezingen (1920) en de mogelijkheid werd voorzien om dit later in te voeren voor parlementsverkiezingen met een wet die een tweederdemeerderheid vereiste. Op 26 juni 1949 konden alle vrouwen in ons land voor het eerst deelnemen aan de parlementsverkiezingen.

Het is dus allemaal niet uit zo een ver verleden. Mijn eigen grootmoeders (geboren in 1900 en in 1909) hebben tot 1949 moeten wachten vooraleer ze mochten stemmen!
 
Tot zover enkele gedachten over stemmen met politieke achtergrond.

Kunnen stemmen over belangrijke items behoort reeds eeuwen tot de monastieke traditie. Zo vermeldt de heilige Benedictus in zijn ‘Regel’: ”bij het aanstellen van een abt moet altijd voorop staan dat diegene wordt benoemd die door de gemeenschap werd gekozen”.

Ook in de leefregel van de Karmel wordt verwezen naar gezamenlijk overleg tussen de broeders. “Behandelen jullie op zondagen of op andere dagen het behoeden van de orde en het heil van de zielen”.

Het werkwoord behandelen is hier van belang. Het wijst er op dat we een item vanuit alle aspecten en gevolgen als gemeenschap samen bespreken.

Soms kan het dan gebeuren dat een of ander punt toch een zeker belang heeft en er na informatie inwinnen, beraad en overleg over dat punt gestemd wordt.

De vormingsgemeenschap stemt ook over het toelaten van een kandidaat tot de eeuwige geloften. Wanneer een broeder om de wijdingen vraagt wordt daarover eveneens door de vormingsgemeenschap gestemd.

In onze kloosters hebben we voor dat stemmen materiaal ter beschikking: de stemkelken en de bolletjes waarmee men stemt.


Het is eigenlijk heel eenvoudig. Iedereen krijgt zowel een zwart als een bruin bolletje. Ga je akkoord met de tekst waarover gestemd wordt dan deponeer je het zwarte bolletje in de zwarte kelk, het bruin in de bruine kelk. Ga je niet akkoord dan steek je zwart bolletje in de bruine kelk en bruin bolletje in de zwarte kelk. Nadat iedereen gestemd heeft worden de opvangschaaltjes van de kelken geschroefd en de bolletjes met dezelfde kleur van de kelk geteld (de positieve stemmen).


Gewoonlijk volstaat een gewone meerderheid. Voor sommige items is twee derde van de stemmen vereist.

Het tellen van de stemmen gaat relatief vlot en het resultaat is onmiddellijk gekend.

En … voor één keer was de Kerk ook vooruitlopend! Deze wijze van stemmen over was en is niet alleen het voorrecht van de broeders; ook in onze zusterkloosters is dit een eeuwenoude traditie.
 
P.Paul

 

11 november 2020

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven