Brief aan heel de Orde op het feest van St. Jan van het Kruis 14 december 2021, door P. Miguel Márquez, ocd

→ deze brief als pdf

GEGROET EN BEDANKT
 
Beste broeders en zusters van de grote familie van de Teresiaanse Karmel:
 
Het is mij een groot genoegen u toe te spreken in deze bijzondere adventstijd, op weg naar Bethlehem, in de verwachting van het Leven dat geweven wordt in de schoot van Maria, in het hart van de geschiedenis van onze dagen en in ieder van ons. Omdat ook het feest van St. Jan van het Kruis nadert, wil ik met u een tweevoudige overweging maken: ten eerste wil ik met u delen hoe deze eerste maanden als Generaal zijn geweest en u enkele sleutels aanreiken die mijn reis verlichten en, naar ik hoop, de uwe kunnen begeleiden; ten tweede bied ik u een overweging aan over enkele sleutels tot het leven van onze Heilige Vader Jan, gelezen in een synodaal perspectief. Dit zijn slechts een paar notities die ik zou willen aanbieden om onze reis op het ritme van de Kerk in dit historisch moment te stimuleren.
 
ONDERWEG
 
Drie maanden zijn er verstreken sinds ons Generaal Kapittel; het was een tijd van bezinning en broederlijke ontmoeting, open voor de Geest. Een kapittel herinnert en brengt altijd aan het licht hoe dringend het is te werken in verbondenheid, in samenwerking, ten dienste van de Orde en de Kerk. Ik dank pater Saverio voor zijn toewijding, zijn overgave en de wijsheid van zijn dienst als generaal, als oudere broeder, samen met heel zijn bestuursraad, en met hem, al het werk en de toewijding van alle plaatselijke oversten, provincialen, enz. Ook die van de kloosters, federaties, verenigingen en raden, van de monialen en van de seculiere orde. Dank u allen voor uw toewijding en volharding in het onbaatzuchtig dienen om het goede te zoeken.
 
Na de eerste ogenblikken van aanpassing, van kennis en leren, maakte de aanvankelijke angst, te wijten aan het gevoel van kleinheid tegenover de toevertrouwde taak, geleidelijk plaats voor vertrouwen, waarbij deze zich liet leiden en onderrichten: “Doe wat ge kunt, en laat Mij doen; …” (Gewetensbrief 10), zei de Heer tegen de heilige Teresa. Deze woorden hebben mijn eerste stappen gemarkeerd.
 
Naast deze woorden, die uitnodigen om de Heer de leiding te laten nemen, zijn mijn eerste maanden als Generaal – samen met de Definitoren en de broeders van de Curie – gepaard gegaan met een diepe overtuiging van de kracht van de verbondenheid van heel de Orde. Dit plaatst mij voor de eerste noodzaak die ik als project voor deze jaren ervaar: de ervaring van de levende God, een verenigde familie te zijn; de eucharistie te beleven, zorg te dragen voor het gevoel van verbondenheid in verscheidenheid; ons in te zetten om het ontvangen geschenk te bewaken, dat allereerst dat van de gedeelde roeping is, als een kostbaar geschenk, een schat van onschatbare waarde.
 

VIER WOORDEN VOOR EEN UITDAGEND GESCHENK
 
Er zijn vier woorden die in mij branden in dit eerste uur van de reis, die ik u geef opdat u mij zult helpen ze uit te werken en in hun licht te wandelen, op de adem van de Geest, aan de hand van Maria en van Jozef. Ik geef ze u ter overweging om licht te werpen op dit uur van ons leven en de gemeenschappen:
 
• Het onmogelijke
• Het Magnificat
• Vruchtbaarheid van het heden
• Gehoorzame Exodus
 
1. Bij zovele gelegenheden en in zovele omstandigheden lijkt de weg voor ons onmogelijk te zijn, alsof wij tegenover Goliath staan die ons in alles overtreft. De verleiding is om op te geven en opzij te gaan; we worden overvallen door ontmoediging en verlatenheid, samen met een existentiële, emotionele en fysieke vermoeidheid, die echter de vlam die in ons brandt niet kan doven, als een “vonkje” dat ons eraan herinnert dat wij het niet allemaal begonnen zijn, maar dat het Gods wens en droom was en is. Te midden van zoveel strijd weerklinkt in ieder van ons een innerlijke stem: “Omdat het voor jullie onmogelijk is, is het voor Mij mogelijk”. “Wees nederig. Vraag om hulp, geef niet op”. Wij rusten alleen in de zekerheid van die stem: “Ik ben het, wees niet bang”. Het onmogelijke is het bevoorrechte terrein van de ervaring van God, van de Karmel. Het beste van onze geschiedenis heeft plaatsgevonden in ‘onmogelijke’ omstandigheden. Ik zeg u dit met grote overtuiging en moedig u aan de kracht terug te vinden die geboren wordt wanneer onze kracht en onze verbeelding niet meer bruikbaar zijn, en alleen het vertrouwen ons terugbrengt naar de ware dynamiek van Gods leiderschap.
 
2. Het Magnificat van Maria is onze levensschool voor deze tijd. Maria is altijd een garantie voor vruchtbaarheid in moeilijkste tijden. Het Magnificat is het lied dat Gods waarheid openbaart in tijden van duisternis. In Maria’s hart, arm en nederig, horen wij de meest onbetwistbare waarheid van de geschiedenis, Gods overwinning, zijn verlossing te midden van alle rampen en onrechtvaardigheden. Het vrije en nederige hart van een jong Nazarener meisje, beschikbaar en open voor de doortocht van God, verandert de geschiedenis van de mensheid op een ongekende manier. De machtigen hebben niet het laatste woord. De nederigen herschrijven de heilsgeschiedenis. Wat is het Magnificat van de Karmel vandaag? Wat is het lied dat we horen in de diepte van onze broosheid en kleinheid? Ik bedoel datgene wat geen mislukking of open wonde kan verstommen. Ik nodig u uit om deze tijd als een Magnificat te beleven in de school van Gods verlangen in ons gewonde land.
 
3. Onze mystici hebben altijd de trouw van God in de tegenwoordige tijd bezongen. Zij ontkenden nooit de vruchtbaarheid van de Heilige Geest om leven voort te brengen in het nu, ook al leek het rampzalig. De Geest, zo wisten onze Vaders, is in staat om paden in woestijnen te verlichten en om gewonde mensen tot ware genezers van hun eigen tijd te maken. De heiligen van de Karmel zijn meesters van de christelijke volharding, van de veerkracht zouden wij nu zeggen: zij recycleren het gehavende leven en herstellen, “tegen alle hoop in”, in de kribbe van het leven, de droom van God, de droom die de H. Jozef hoorde en geloofde in de meest onthutsende nacht van zijn leven.
 
4. In zoveel delen van de planeet zijn we getuige van een gedwongen exodus. De wereld is op zoek naar zijn huis, zijn thuis. We zijn in een tijd van doortocht naar een beloofd land. Sommigen zeggen dat we op weg zijn naar de vernietiging van de planeet of het einde der tijden. Onheilsprofeten staan op in de meest schokkende tijden van de geschiedenis…net als de grootste heiligen. Het is waar dat onze aarde ziek is, naar lichaam en ziel. Maar schijnbare eindes zijn altijd tijden van “onvoorzien begin”. Ook wij, zusters, broeders, leken, bevinden ons in een tijd van gehoorzame uittocht. Wij zijn geen vreemden voor deze tijd in de geschiedenis, ook al klampen wij ons vaak vast aan de veiligheid van “Egypte”, aan de “rust” van het bekende. Het is geen tijd om ons comfort te bewaken, voor Teresa was het altijd een tijd om te stappen. Zonder het risico van een gedurfd ja zullen wij geen Karmel van de toekomst kunnen verlichten die levend en geloofwaardig is. Wij verdedigen geen gebouwen, wij verdedigen niet onszelf, maar een levende ervaring: in geloof, hoop en naastenliefde. Tot welke gehoorzame uittocht worden wij vandaag geroepen als gemeenschap en als Karmelieten?
 
JAN VAN HET KRUIS, IN SYNODALE TERMEN
 
• de stille liefde
• sanjuanistische maieutiek
• vriendschap met sommige vrouwen en leken
• hoofdrol van de Heilige Geest
 
Op 14 december vieren we de 430e verjaardag van de dood van Jan van het Kruis. Dat moment van overgang, waarin het weefsel van de ontmoeting werd gescheurd en het mysterie van liefde werd onthuld, door hem beleefd in de nacht van dit leven. Ons hele leven wijst naar dat beslissende moment. En alles wat wij doen en beleven zal verlicht worden in het licht van datzelfde moment dat Jan van het Kruis beleefde kort nadat hij de klokken van de kerk van de Verlosser hoorde luiden voor de metten. Op een dag zullen ook wij de klokken horen luiden om voor eens en voor altijd geboren te worden. Ons hele leven is een Advent om het ware leven te baren. Denken aan Jan van het Kruis verheldert altijd de betekenis van onze reis vandaag.
 
Deze dagen denk ik aan de weg die de Kerk bewandelt, die ons uitnodigt tot synodaliteit, tot een proces van wederzijds luisteren, medeverantwoordelijkheid en ontvankelijkheid voor het nieuwe, om ons te laten verlichten en te onderscheiden. Wij dialogeren om te begrijpen, niet om te overtuigen, zei Benedictus XVI in zijn laatste toespraak als paus op 21 december 2012.
 
1. DE STILLE LIEFDE en DE LIEFDEVOLLE AANDACHT
 
Jan van het Kruis luisterde naar de welsprekende stilte van God in het hart van zijn verhaal. De ongunstige gebeurtenissen van het leven – de “pelgrimstocht van de honger” als kind, de “gevangenis van Toledo” en de “verbanning naar La Peñuela” in de laatste maanden – smeedden in hem een fijn luisterend oor voor de stille liefde van God, in de tegenstrijdigheid en de nacht. Jan van het Kruis leert stille liefde en liefdevolle aandacht, door zich te laten verwonden en door God dieper “in het dichtste struikgewas” (GH 35) te worden geleid. Hij laat zich doordringen van de waarheid van de dingen, van de mensen en van God, gewapend met de taal die God het meest hoort, “stille liefde”. Eerste deugd van een ware synodaliteit: de liefdevolle houding, als beginsel dat het leven interpreteert vanuit een empathisch standpunt, dat God ontdekt, in zijn stiltes, in het diepst van zichzelf en in alle anderen. Jan van het Kruis is een ontdekker van parels in de nachten en de vuilnisbelten van de wereld.
 
2. SANJUANISTISCHE MAÏEUTIEK (*)
 
Soms, wanneer iemand een vers reciteerde, vroeg Jan van het Kruis het te herhalen, zodat hij het uit het hoofd kon leren; en dan gaf hij commentaar op de verzen die hij van anderen leerde. Eens vroeg hij aan broeder Francisco: “Broeder, wat is God?” En de kleine broeder antwoordde: “God is wat Hij wil”. Dit antwoord gaf broeder Jan de gelegenheid om enkele dagen commentaar te geven op die oorspronkelijke definitie van de absolute vrijheid van God, die doet wat Hij wil, voor ons welzijn. Ook zeer bekend is de vraag die hij aan Francisca van de Moeder Gods stelde: “Zuster, wat brengt u deze dagen tot gebed?” Ze antwoordde: “Door naar de schoonheid van God te kijken en me te verheugen dat ik die heb.” En uit deze dialoog kwamen de laatste vijf gezangen [strofen] van het Geestelijk Hooglied B voort, vooral strofe 36 over de schoonheid van God. Tegenwoordig zouden wij deze zeer hartelijke stijl van onderrichten “synodaal” noemen, dat wil zeggen: weten hoe te profiteren van de dialoog, het bijeenbrengen van wat is geleerd om anderen te onderrichten, zodat door de kracht van deze pedagogiek alle broeders zich volledig bekwamen in deze pedagogische stijl. Moge onze Vader Sint Jan van het Kruis al zijn kinderen waarlijk bekwaam maken.
 

*Maieutiek (Oudgrieks μαιευτική τέχνη (maieutikè technè), de kunde van de vroedvrouw) is in de dialogen van Plato de manier waarop men iemand anders of zichzelf kan helpen in contact te komen met ware kennis, anders gezegd: te helpen die kennis over de platoonse ideeënwereld te ‘baren’. Socrates gebruikt de maieutiek als onderdeel van zijn socratische methode. Bron: Wikipedia.
 

 
3. VRIENDSCHAP MET SOMMIGE VROUWEN
 
Jan van het Kruis cultiveerde zeer mooie vriendschappen met sommige vrouwen die in zijn leven verschenen. Zijn vermogen om naar vrouwen te luisteren en een diepe dialoog met hen aan te gaan, hen te begrijpen en zichzelf te begrijpen in zijn luisteren, te beginnen met Teresa van Jezus, en verder met Ana van Jezus en de karmelietessen van Beas of Grananda. Ook vrouwen die leek waren, zoals Juana de Pedraza en Ana de Peñalosa. Het was niet iets wat vaak voorkwam in zijn tijd, en het werd ook niet als het meest volmaakte beschouwd, maar hij wist, net als Jezus zelf, hoe hij vrouwen moest benaderen en luisteren naar wat zij ook konden bijdragen aan zijn leven en zelfs aan zijn eigen werk. Jan van het Kruis trad toe tot de “teresiaanse” stijl en deed zijn noviciaat bij de karmelietessen van Valladolid, waarbij hij zich liet leiden en onderrichten door het leven van deze vrouwen. Ik geloof dat deze houding de eerste stap is die verschillende relaties mogelijk maakt tussen mensen, tussen broeders en zusters. De Orde heeft een weg af te leggen, in de stijl van Jan van het Kruis, in dit wederzijds luisteren, waarin het charisma zich openbaart in de synodaliteit van de gedeelde ervaring tussen zusters, broeders en leken. “Alleen deze wederkerigheid en deze waardering van de verschillende gevoeligheden, mannelijk en vrouwelijk, kan leiden tot een begrip dat een geloofwaardig wij creëert” (Rosalba Manes, La melodia del silenzio. La figura sorprendente di Giuseppe di Nazareth, Milaan 2021).
 
4. GEEN BEZIT, De GEEST, HOOFDROLSPELER OP DE WEG VAN DE WAARHEID
 
In de Levende Vlam van Liefde nodigt de heilige de geestelijke begeleiders uit te begrijpen dat zij slechts bemiddelaars zijn tussen de persoon en de Geest: hij roept op om te luisteren zonder te pretenderen te “bezitten”, om woordvoerders en ontvangers van signalen te zijn in plaats van zenders en bestuurders. (Cfr. LVL III,46) In weinig andere teksten neemt de heilige zo ernstig stelling tegen hen die de werking van de Geest belemmeren en zichzelf tot hoofdrolspelers maken op de weg van de begeleide persoon. Deze houding is een van de meest oprechte bijdragen van de Karmel aan deze weg van de synodaliteit die de Kerk ons voorstelt: ons vermogen om naar elke persoon te luisteren en het ritme te respecteren en het verlangen van de Geest, zijn werking in ieder mens, zonder te manipuleren, zonder het eigen verlangen op te leggen.
 
Deze vier parels zijn een voorbeeld van de synodale rijkdom van Jan van het Kruis, die ons uitnodigt om in diepe verbondenheid met de Kerk te wandelen, zonder op onszelf terug te plooien, zonder het huis en de tuin te verwaarlozen die God ons gegeven heeft (contemplatie, zending en broederlijk leven), aan de deur van de grot (zoals Elia), luisterend, in naaktheid en armoede, naar wat de Geest zegt tot de Kerken en tot de Karmel, tot de wereld en tot ieder van ons. Niet bang te zijn om te luisteren naar de waarheid die armoede of vermindering in zich draagt. De Orde heeft voor de komende jaren een kostbaar pad van diep luisteren voor zich. Ik nodig u allen, leken, zusters, broeders, uit dit moment te beleven onder de sleutel van LUISTEREN en STOUTMOEDIG, elkaar steunend en voor elkaar zorgend, om met beslistheid de Heer te dienen. In de geest van Maria’s Magnificat en de liefdevolle vrijmoedigheid van het Geestelijk Hooglied van Jan van het Kruis. Laten we samen gaan!
 
EEN GEZEGEND FEEST VAN SINT JAN VAN HET KRUIS AAN IEDEREEN
 
EEN GEZEGENDE ADVENTSTIJD

 

P. Miguel Márquez Calle

Generale Overste

→ deze brief als pdf

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven