Homilie Pater Piet Hoornaert 3 april 2022 : 5de zondag van de veertigdagentijd C

Jo. 8, 1-11

Op het eerste gezicht lezen we in het evangelie van vandaag een gemakkelijk te begrijpen verhaal. Jezus vergeeft iemands fouten en zet daarmee de Farizeeën en schriftgeleerden voor schut. Wat heeft Hij het weer schitterend gedaan. Hij heeft zich niet in de val laten lokken. Integendeel, Hij heeft enkele zelfgenoegzame mannen eens klaar de les gespeld. En vooral, hij heeft een met de dood bedreigde vrouw gered. Een voorbeeld voor ons. Ook wij moeten leren door de vingers zien en nieuwe kansen geven. De barmhartige liefde tegenover de harde wetten. Simpel, we hebben onze les geleerd. Maar … is het wel zó eenvoudig?
 
Een strikvraag aan het adres van Jezus.
 
Met dit evangelie bevinden we ons in de lijdensweek. Men zoekt een reden om Jezus aan te houden. De schriftgeleerden en de Farizeeën brengen een op overspel betrapte vrouw bij Jezus. Indien Jezus nu de Wet van Mozes zou tegenspreken en de vrouw vrijspreken, zouden ze Hem voor het Sanhedrin kunnen aanklagen. Als ook Hij de vrouw ter dood zou veroordelen, was Hij meedogenloos. Een strikvraag dus aan het adres van Jezus.
 
Wat deed Jezus echter? Hij boog zich voorover en schreef in het zand, tot tweemaal toe. Het feit dat Hij dit tweemaal deed, moet bij ons een belletje doen rinkelen. Hier klopt iets niet. Waarom in het zand schrijven? Gaf Jezus bedenktijd aan de aanklagers? Wilde Hij zelf even tot een oplossing komen? Maakte Hij vlug even een kladbedenking om te weten wat Hij moest doen? We zijn het niet gewoon dat Jezus de tijd moet nemen om na te denken over wat Hij gaat doen! En dat Hij deze mannen bedenktijd zou geven, lijkt weinig waarschijnlijk, want deze zijn blind door hun hardheid. Er moet een diepere reden zijn.
 
Tekende Jezus een ‘kerfstok’ met streepjes in het zand?
 
Misschien tekende Jezus een lijn met streepjes, zoiets als een kerfstok? Niet voor niets staat er dat de mannen één voor één wegliepen, de oudsten het eerst. Hadden die misschien het meest op hun kerfstok? Waar was trouwens de man in dit overspel? Misschien schreef Jezus in het zand om aan te duiden: “Bedenk toch, mens, wie je bent: uit stof genomen en tot stof terugkerend. Hoe durf je dan definitief oordelen over anderen, en jezelf in de plaats van God stellen, die de rechter is over leven en dood?”
 
Het kan ook zijn dat Jezus heeft gedaan wat kinderen in hun spel zo gemakkelijk doen: iets opschrijven en het meteen weer uitvegen, dit om aan te duiden hoe God zélf is: blijer om één mens die zich bekeert. Hij wist onze zonden uit. Hij strekt een streep onder ons zondig verleden.
 
Een andere, bijbelse mogelijkheid vinden we bij de profeet Jeremia: “Allen die U, God, verloochenen, staan beschaamd: zij die zich van God afkeren, staan geschreven in het zand, want zij hebben de bron van levend water, God, verlaten.” Geschreven staan in het zand, in de aarde, betekent dan letterlijk opgeschreven zijn in het dodenrijk, in de vergetelheid geraken waar niemand nog aan je denkt.
 
“Ook Ik veroordeel je niet”.
 
Toegepast. Als Jezus hier in het zand schrijft, hebben we te doen met een ‘profetie metterdaad’. Door zijn daad gaf Jezus een antwoord op de vraag. De hardheid waarmee de schriftgeleerden en Farizeeën de wet naleven, is ten dode opgeschreven, omdat ze geen rekening houden met de medemensen. Dit betekent echter nog niet dat Jezus de wet overboord gooit. Hij ziet het gedrag van deze vrouw evenmin door de vingers. Maar Jezus staat niet toe dat wij het recht in eigen handen nemen, om ‘definitief’ te oordelen over onze medemens. De wetsgetrouwen hebben de boodschap van Jezus begrepen en gaan één voor één weg, de oudsten het eerst.
 
Jezus liet de vrouw gaan, “ook Ik veroordeel u niet”, mààr met de ernstige vermaning het niet meer opnieuw te doen: “ga heen en zondig niet meer”. Hierin zit een duidelijke veroordeling van haar overspelige daad, maar ook een teken van vertrouwen dat ze voortaan de zonde zal mijden. Nu weet deze vrouw zich door God aanvaard en bemind. Ze heeft zijn barmhartigheid van nabij ervaren. Ze heeft nu iets van de verrijzenis gevoeld. Ze werd immers ter dood veroordeeld, maar mag terug opstaan ten leven en de mannen lieten hun stenen vallen, zoals op Pasen de steen voor het graf wordt weggerold. Zo heeft die vrouw nu Gods levenwekkende liefde ervaren.
 
Gooi geen steen, maar reik de hand.
 
Ze kan niet anders dan ook werkelijk een nieuw leven te gaan leiden: een leven in Geest en waarheid. Het enige geneesmiddel om mensen die gezondigd hebben te genezen, is vergeven, nieuwe kansen scheppen, mensen in hun waardigheid herstellen. We moeten het kwade niet met kwaad vergelden, want dan blijven we steken in een cirkel van geweld. Hoe actueel is deze boodschap toch! Gooi geen steen, maar reik de hand.
 
God wil van ons in deze veertigdagentijd nieuwe mensen maken, ons hart bekeren, onze hardheid wegnemen, zodat de profetie van Jesaja werkelijkheid wordt: “Denk niet meer aan het verleden en sla geen acht op wat reeds lang voorbij is: Ik onderneem iets nieuws, het begin is er al: zie je het niet?”
 


 
VOORBEDEN
 

C.   Bidden wij tot God onze Vader, die ons door zijn Zoon Jezus
steeds nieuwe levenskansen wil schenken.
 

  1. Voor wie spijt hebben
    van wat zij een medemens hebben aangedaan;
    dat zij oprecht vergeving kunnen en durven vragen,
    dat hun schuld hun wordt kwijtgescholden …
     
  2. Voor de Kerk wereldwijd,
    dat ze niet oordeelt of veroordeelt,
    maar dat zij ruimte maakt voor uw woord van bevrijding;
    dat zij woorden spreekt die Gods barmhartigheid bemiddelen
    en zijn vergeving schenken …
     
  3. Voor wie door anderen veroordeeld worden
    en verlangen naar een nieuw begin;
    dat de Heer hen vrijspreekt;
    dat ze geraakt door het Evangelie het oude achterlaten
    en kiezen voor de nieuwe weg met de Heer…
     
  4. Voor mensen die de medemens al te gemakkelijk veroordelen,
    die een ander straffen door hem of haar buiten te sluiten;
    dat zij in gesprek gaan met degene die zij iets verwijten,
    dat uw mildheid in hun hart mag wonen …
     
  5. Vader,
    wek de gezindheid van Jezus
    in het hart van jonge mensen.
    Schenk aan de Vlaamse Karmel
    een nieuwe lente van jongeren,
    die alles voor u durven verlaten
    om u te volgen,
    onthecht, zuiver, luisterbereid
    en dienstbaar aan uw mensen.
     

C.   Goede Vader,
wij wensen geen eerste steen te werpen,
want ook wij zijn niet zonder zonden.
Help ons de waarheid over onszelf te aanvaarden
en zo ook onze eerlijke bekering.
Dat vragen wij U door Christus, uw Zoon en onze Heer.

 

 

deze homilie als pdf

Overzicht van alle homilieën.

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven