Homilie Pater Piet Hoornaert 7 maart 2021 : 3de zondag van de veertigdagentijd B, met voorbeden

(Joh. 2,13-25)

Dit evangelie is een ouverture bij het begin van Jezus’ openbaar leven. Het is een samenvatting van het conflict tussen Jezus en de joden. Die tempelreiniging is een van de aanleidingen voor Jezus’ arrestatie en executie. Want het was een scherpe profetische daad met gevolgen.
 
De tempel was voor de joden, en ook voor Jezus, het hart van Jeruzalem en de heiligste plaats van hun leven. Maar die ‘heiligheid’ werd besmeurd en verontreinigd door allerlei misbruiken en gesjacher. Daar gaat Jezus heftig tegen tekeer. Eigenlijk gaat het om de tempel-plein-reiniging. Want de scène speelt zich af op het tempelplein, het zgn. voorhof van de heidenen, een grote binnenplaats.

Een furieuze Jezus.

Jezus’ optreden is een kritiek op de corrupte tempelpraktijk. De heiligheid van het hele tempelcomplex is aan de orde. Wat daar allemaal gebeurde was soms alles behalve ‘heilig’. We zien een woedende Jezus. Ongewoon scherp. Hij maakt een zweep van touwen en ranselt iedereen van het tempelplein weg. Ook runderen en schapen. De tafels van de geldwisselaars schopt hij met geld en al omver. Hij schreeuwt: ”Maak van het huis van mijn Vader geen markthal”, geen “rovershol”, zegt de evangelist Marcus.
 
Het hele geldgedoe rond de godsdienst is Jezus een doorn in het oog. De tempelpriesters en functionarissen waren de machtige, rijke heren. De priesterklasse van de Sadduceeën waren de architecten en aannemers, die zich rijk maakten aan de herbouw en uitbreiding van de herodiaanse tempel die in 20 vóór Christus begon en 46 jaar duurde. De Farizeeën hadden de veestapels en de fruitplantages in bezit. De mensen moesten dieren en vruchten offeren en tempelbelasting betalen.

Het volk werd flink uitgezogen.

Het heidense geld mocht de tempel niet binnen en kon niet dienen voor de eredienst. Het moest daarom gewisseld worden. De wisselaars deden daar goede zaakjes mee. Niet alleen door de Romeinen, maar ook door de tempelbedienaars werd het volk flink uitgezogen. De tempel was verworden tot een centrum van politiek, wetgeving en belastingen. De hoge raad, het sanhedrin, zetelde in de tempel. De tempel was een politieburcht. De tempelheren hadden het hele maatschappelijk leven in handen. Bovendien waren ze pro-Romeins, mèt al de commerçanten.
 
Dit alles maakt dat in de ogen van het moegetergde volk Jezus’ daad een gedurfd en gesmaakt optreden was. Het was een duidelijk protest tegen het misbruik van de tempel als ‘huis van gebed’ en tegen de schandelijke uitbuiting van arme, machteloze gelovigen. Het officiële bestuurders voelden zich bedreigd. Voor het gewone volk wordt Jezus een populaire volksheld, die messiaanse verwachtingen van bevrijding losslaat. Vooral bevrijding van het drukkende Romeinse juk.

Een verschrikte, arrogante overheid.

Die verschrikte overheid roept dan ook Jezus ter verantwoording. Dan spreekt Jezus het mysterieuze woord over de afgebroken tempel, die in drie dagen zal herrijzen. Hij stelt het teken van zijn verrijzenis in het vooruitzicht als bewijs dat Hij zo mocht optreden. Door zijn verrijzenis zal Jezus de ‘tempel Gods’ worden. Maar deze verantwoording wordt hem natuurlijk niet in dank afgenomen. Voor de overheid is dit groteske grootspraak, ja, godslasterlijke taal, die leidt tot vijandschap en haat.
 
Dit optreden van Jezus kunnen we zien als een voorafspiegeling van de afstand van de eerste christenen t.o.v. de tempel. Voor hen was de echte tempel, de gelovige gemeenschap zèlf, door God bemind, geroepen en verzameld als zijn kerk. Zij is een levende tempel, waarvan ieder lid als een ‘bouwsteen’ is en Jezus de ‘hoeksteen’, of het sluitstuk van dit menselijk bouwwerk. Dit is de levende tempel van de ware eredienst, van geloof, gebed en liefde, zonder offers van geld of dieren.
 
De joodse tempel is voor christenen dus de kerkgemeenschap zélf geworden. De verrezen Heer Jezus is daarin de nieuwe ontmoetingsplaats tussen God en mens. In elke Eucharistie vernieuw je dit geloof.

God eren op een volwassen, serene en liefdevolle wijze.

Dit evangelie is een oproep tot echtheid, zuiverheid en sereniteit in het vieren van onze liturgie en van onze eredienst naar God toe. Een aansporing om de ware, levende God van de verrezen Heer Jezus te eren en om zelf ‘tempel van de heilige Geest van liefde’ te worden. De Karmel- en de Kerkgemeenschap moet de moed hebben om zichzelf te evalueren en te hervormen vanuit de zuivere bedoeling die Jezus voor ogen had.
 
Een geloofwaardige godsdienst mag niet zozeer aandacht geven aan de uiterlijke vormen of bijkomstigheden. Je laten leiden of inpalmen door zoeterige emoties, buitengewone feiten of een gecreëerde sfeerschepping is misleidend. Godsdienstig zijn wordt het best gedragen door verstandelijk inzicht en begeleide geloofsverdieping, die vanuit je hart biddend en dienstbaar beleefd wordt.

Succesvolle Kerkreiniging door Catharina van Siëna en Teresia van Avila !

In de veertiende eeuw heeft Catharina van Siëna, vanuit haar mystieke bewogenheid onverpoosd en onverbloemd de katholieke kerkgemeenschap geholpen zich te reinigen. Zij werd door een wijze paus gevraagd om het kardinalencollege toe te spreken. En met succes! Vanuit haar intense, grote liefde voor de kerk als ‘heilige plaats’ van Gods aanwezigheid kon en mocht ze ook, zoals Jezus, haar opbouwende, kritische woorden spreken.
 
Ook Teresia van Avila, hervormster van de Karmelorde in de zestiende eeuw, noemde zich een “dochter van de Kerk”. Ze had de kerk echt lief als haar moeder en voelde van daaruit ook sterk aan waar de concrete kerkgemeenschap van gezuiverd moest worden. De kerk heeft Catharina en Teresia goed begrepen. Ze werden beiden heilig verklaard en tot kerklerares verheven, omwille van hun ‘kerkreiniging’.

Een aanmoediging voor jou.

Misschien is dit evangelie voor jou, zeker in deze tijd, een aanmoediging om onze kerkgemeenschap nog méér lief te hebben en om in deze veertigdagentijd de tempel van ons hart door Gods barmhartigheid te laten reinigen van vormen zondigheid en ondeugd.
 

 



 

DERDE ZONDAG IN DE 40-DAGENTIJD – 7 MAART 2021

 

OPENINGSWOORD
 

Met Mozes trekt het volk Israël weg uit de slavernij van Egypte,
door de woestijn naar een beter land.
Op hun weg naar bevrijding en ook later
hebben zij nood aan
een juiste levensrichting die zorgt voor evenwicht.
Dat is de Tora, woorden van God bemiddeld door Mozes.

Ook Jezus is door die ‘woorden’ getekend.
Zo wordt Hij echt boos als hij merkt hoe corrupt het eraan toe gaat in de tempel van God, zijn Vader.
Jezus gaat gedurfd
de confrontatie aan met de hypocriete overheid.
en keert daarmee terug naar de essentie Gods bedoeling.

 
 

KYRIE-LITANIE
 

Jezus heeft gezegd:
‘Breek deze tempel af en Ik zal hem doen herrijzen’:
omdat ons geloof in een betere toekomst soms broos is
en onze bereidheid om eraan mee te werken soms zwak.
Heer, ontferm U over ons.
 

Jezus heeft gezegd:
‘Maak van het huis van mijn Vader geen markthal’:
Omdat wij soms lijdzaam toezien hoe mensen
en de gaven van de schepping misbruikt worden voor geld.
Christus, ontferm U over ons.
 

God zei tot Mozes:
‘Gij zult geen andere goden hebben ten koste van Mij’:
Omdat wij in ons dagelijkse leven
teveel aandacht en energie besteden
aan onze eigen ‘afgoden’
Heer, ontferm U over ons.
 
 

VOORBEDEN
 

P. In deze veertigdagentijd willen we ons bezinnen
over de weg die Jezus ons heeft voorgeleefd.
Daarom leggen we biddend onze weg in Gods handen.
 

Voor alle christenen die zich voorbereiden op het paasfeest.
Dat de woorden en daden van Jezus voor hen de inspiratiebron zijn
om mee te bouwen aan zijn Rijk van liefde en gerechtigheid.

Voor ons die hier verzameld zijn.

Dat wij in de voorbereidingstijd naar Pasen
ook ons leven willen delen met onze medemensen,
vooral met hen die het minder goed hebben dan wij,
door welke omstandigheden ook.

Voor onze geloofsgemeenschap.

Dat we deze bezinningstijd goed gebruiken
om elkaar te steunen en te bemoedigen in onze poging
om als vernieuwde mensen met Pasen te verrijzen.

om enthousiaste priesters en religieuzen,

die zich met inzet
van hun liefde en hun talenten
volledig wijden
aan spiritualiteit van de Karmel
en aan de opbouw van de Kerk.

 
P. God, laat ons op het juiste moment zien wat er gedaan
moet worden. Houd onze geest helder en ons hart meelevend.
In de naam van Jezus Christus, uw Zoon en onze Heer.

 

 

deze homilie als pdf

Overzicht van alle homilieën.

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven