Homilie Pater Piet Hoornaert 6 maart 2022 : 1ste zondag van de veertigdagentijd C

Lc 4,1-13 BEKORINGEN

 
Het is belangrijk wat Mozes vandaag zijn volk voorhoudt. Als je het land hebt bewerkt en het draagt vruchten, breng dan de eerste vruchten naar het altaar van de Heer, uw God en belijd jouw geloof in Hem.
 
Getuig van je vertrouwen in God.
 
De eerste lezing nodigt ieder van ons dus uit je eigen levensgeschiedenis onder ogen te zien, de gebeurtenissen en momenten waar je dankbaar voor bent; situaties waar naar je werd omgezien, omdat je de moeite waard bent. Als jongeren vragen: “Wie is God waarin je gelooft, en wanneer merk je de aanwezigheid van God?”, ga terug in je leven en vertel een verhaal over je ervaringen, die getuigen van je vertrouwen in God.
 
Zoals Mozes het volk voorhoudt: stel aan de hand van je eigen geschiedenis vast dat je toch gezegend bent, spreek regelmatig in je gebed dit vertrouwen uit, opdat het niet indommelt of verstoord wordt, want het kan bedreigd worden door afgoden.
 
In het evangelie overkomt Jezus wat we allemaal kunnen herkennen: de verleidingen of beproevingen. Hij is gedoopt, door de Jordaan gegaan en komt terecht in de woestijn. In een woestijn ontbreekt het je aan oriëntatie; want de zandheuvels verplaatsen zich vaak door felle winden. Je moet er zelf je weg zoeken. In de woestijn stel jij niets voor, ben je klein. De vraag is daar: waardoor laat ik me leiden?
 
De verleiding God los te laten.
 
De woestijn is een testgebied, zoals onze samenleving, waarin mijn verhouding met God op de proef wordt gesteld. De duivel, diabolos, is daar in zijn element. De Bijbel noemt hem de tegenstander, de verstoorder. Hij probeert de goede relatie tussen mij en God te hinderen. Hij wenst je verbondenheid te doen verslappen. Hij verleidt je om God los te laten.
 
Dus, waardoor of door wie laat ik me leiden in mijn leven? Jezus laat zich leiden door het woord van God. Wat betekent dit? Op de drie verleidingen of bekoringen antwoordt Jezus met een citaat uit het boek Deuteronomium, waaruit ook de eerste lezing komt. Het woord van God zijn de verhalen van Gods goede daden, zijn zegeningen uit het verleden. Deze heeft Jezus herkend in zijn eigen leven, waardoor hij kan zeggen: God zal er ook nù in voorzien. Hij blijft mijn kompas. Hij zal over mij waken en mij zegenen, als ik de goede weg eerlijk blijf zoeken.
 
Ze kunnen niet samen door één deur …
 
Jezus is aan het einde van zijn krachten en dus kwetsbaar. Want hij verblijft al veertig dagen in de woestijn. Jezus is de beminde Zoon van God de Vader, zijn beeld en gelijkenis. God de Vader heeft behagen in Hem. Dat klonk uit de hemel bij zijn doop in de Jordaan.
 
De Zoon van God aan de ene kant, én de duivel, de tegenstrever van God aan de andere kant: ze kunnen niet door één deur. Als ze beiden op het toneel verschijnen, loopt de spanning snel omhoog. De locatie is die woestijn. Die kan bloeien, maar je ook verschroeien. Dat hangt af van de uitkomst van dit tweegevecht.
 
Jezus heeft honger gekregen. De eerste beproeving is dan ook van een steen brood maken. Mensen hebben in deze samenleving behoefte aan rust en zekerheid. Groot is het aanbod verleidingen, om in deze behoeften te voorzien. Mensen vergapen zich bv graag aan geraffineerde reclame en promoties. Ze maken zich onderdanig aan afgoden als geld, bezittingen, carrière maken en invloed hebben. Daar scheppen ze zich een eigen domein, een cocon. Ze wanen zich onafhankelijk, dankzij vele middelen van mobiliteit, sociale media en platte schermpjes. Je kunt erbij blijven zitten en wegzinken in je eigen virtuele wereld. De duivel laat zo aardse rijkdom zien: “Deze is ‘gratis’ voor jou. Leg je neer bij al deze prachtige aanbiedingen. Buig je voor mij”.
 
Jezus is op dat punt echter nuchter, realist en vooral verbonden met zijn Vader. Hij gelooft namelijk vooral in de Vader die van hem houdt. Een liefdevolle God de Vader schenkt Jezus hét antwoord op zijn diepste verlangen naar persoonlijke liefde en tot bevrijdende zorg voor mensen.
 
De tweede beproeving is onze behoefte aan vrijheid en macht. Ik red mezelf wel. Ik laat me door niemand wat voorschrijven of opleggen. Dus mijn leuze is autonomie, zelfstandigheid. De duivel wordt ook wel de vorst van de wereld genoemd. Jezus ontkent niet dat de duivel een zekere macht in deze wereld heeft. Maar Jezus is er helemaal niet bang voor. Hij treedt niet in die spiraal van steeds weer ‘groter’ moeten worden. Jezus weigert op de tenen te gaan lopen, of alles naar zijn hand te zetten. Want Hij vertrouwt vooral op God die van hem houdt. En wie zich bemind weet, hoeft zichzelf niet te bewijzen.
 
De verleiding in de godsdienst tot spektakel en sensatie.
 
Dan wordt de duivel gemeen in de derde beproeving. Hij komt nu zélf met een citaat uit de Bijbel, uit een gebed zelfs, psalm 91, om Jezus te verleiden zijn Vader uit te dagen om te laten zien dat hij werkelijk van Jezus houdt. Hij nodigt uit tot een spectaculair wonder, tot pure sensatie. De duivel pusht Jezus daarbij uit te stijgen boven zichzelf, zijn grenzen te verleggen. Lucas zegt letterlijk dat de duivel Jezus omhoog leidt. Hij streelt de ijdelheid en fokt de zelfingenomenheid op bij mensen.
 
“Je vergist je opnieuw”, antwoordt een nuchtere Jezus aan de duivel. “Dit is mijn roeping: de bevrijding van mensen uit zonde en definitieve dood. Ik heb helemaal geen boodschap aan jouw luchtkastelen. Ik zal de Heer, mijn God en Vader, niet op de proef stellen door Hem voor mij een spectaculair wonder te laten verrichten”.
 
Ja, als je gelovige relatie met God hierop gebouwd zou zijn, dat God zich zou moeten bewijzen, dan is wat je vereert niet de ware God die Jezus liefheeft en dient, maar een afgod. De God die Jezus openbaart is een zegenende God. En ‘zegenen’ betekent ‘tot leven brengen’. Herinner je daarom vaker al het goede dat God je reeds gedaan heeft en vertel erover, opdat je vertrouwen in God niet in slaap sukkelt of verstoord wordt.
 


 

VOORBEDEN

 
C.   Goede God,
ieder die eerlijk uw naam aanroept, zal worden gered.
In het vertrouwen op deze belofte bidden wij tot U:
 

  1. voor alle mensen die leiding geven
    in onze kerk en in ons land;
    dat zij niet bezwijken voor de verleiding
    om vooral goed voor zichzelf te zorgen …
     
  2. voor alle mensen die kinderen hebben,
    of zorg dragen voor hun opvoeding;
    dat zij naar hen liefde en warmte uitstralen
    en hun alle kansen geven zich te ontwikkelen …
     
  3. voor allen die er alleen voor staan
    en zich soms in de steek gelaten voelen;
    dat zij het vertrouwen in het leven herwinnen
    en mogen ondervinden
    dat liefdevolle medemensen écht bestaan …
     
  4. voor allen die bewust deze veertigdagentijd willen beleven
    en zich toeleggen op de navolging van uw Zoon;
    dat zij mogen groeien in geloof en weerbaarheid
    en steeds intenser uw liefde en kracht ervaren …
     
  5. dat in onze maatschappij eerbied en waardering mogen groeien
    voor een levensroeping helemaal aan u toegewijd;
    wij vragen ook om moed, vreugde en volharding
    bij allen die reeds ‘ja’ gezegd hebben,
    toen u hen in uw bijzondere dienst geroepen hebt …
     

C.   God, U bevrijdt wie U liefhebben,
wie U aanroept, vindt bij U verhoring.
Luister dan naar al wat wij U vragen
en doe ons wonen in uw schaduw,
onder uw vleugels,
door Christus, onze Heer.
Amen.

 

 

 

deze homilie als pdf

Overzicht van alle homilieën.

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven