Homilie Pater Paul De Bois 15 mei 2022 : 5de Paaszondag cyclus C

+
Broeders en zusters,
 
De tweede lezing en het evangelie van deze paaszondag horen bij elkaar. Maar de lezing uit het boek Apokalyps komt uit een voor ons moeilijk leesbaar boek. Als je het boek zou lezen, dan merk je het meteen: dit is een taal waar wij het op vandaag moeilijk mee hebben.
Het is in het Nieuwe Testament het enige boek van het profetisch genre en dan nog wel openbaringsliteratuur. Een geliefkoosd stijlmiddel in apokalyptische boeken is het visioen. Ook wemelen deze teksten van symbolen: getallen, dieren, demonen, sterren … Voor ons allemaal niet zo heel doorzichtig. Ondanks dat alles is de bedoeling van de schrijvers niet zozeer sensatie als wel bemoedigen en vertroosting bieden in moeilijke tijden.
 
Ook het kleine stukje dat we vandaag beluisterden uit het 21e hoofdstuk van dat boek wil ons bemoedigen. ‘Ik maak alles nieuw’, zegt God de Heer in de tweede lezing, en wat en hoe dat nieuwe is, zegt Jezus in het evangelie : “Een nieuw gebod geef Ik u: gij moet elkaar liefhebben zoals Ik u heb liefgehad.”
 
Met andere woorden: wij moeten niet zomaar een beetje van elkaar en onze medemensen houden, nee, we moeten van hen houden zoals Jezus, zoals God van ons houdt, en dat is onbeperkt en onvoorwaardelijk. Als alle mensen dat doen maakt God alles nieuw, en ziet Johannes inderdaad een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.
 
Liefhebben zoals God, zoals Jezus is een stevige opdracht, maar eigenlijk brengen we die liefde vaker op dan we denken: in onze zorg voor elkaar; de liefde van ouders voor hun kinderen, in onze aandacht en ons troost brengen aan bedroefde mensen. Er zijn zoveel situaties waarin we zonder het misschien te beseffen Jezus’ gebod om lief te hebben zoals Hij waar maken.
 
Of we zo ver gaan dat we met Jezus ‘onze vijanden proberen te beminnen’ is een open vraag. Ik weet niet of ik dat kan, zo grenzeloos liefhebben zoals Jezus, die op het kruis bidt: “Vader, vergeef hun, want ze weten niet wat ze doen”.
 
Deze zondag, wordt in Rome pater Titus Brandsma, karmeliet van de oorspronkelijke tak van de karmelfamilie heilig verklaard. Doorheen zijn hele leven tot aan zijn dood in Dachau, loopt een rode draad: de liefde.
Voor deze karmeliet, professor aan de katholieke universiteit van Nijmegen, is de kennis van de liefde belangrijker dan alle andere kennis.
Natuurlijk vindt hij dat we met ons verstand moeten nadenken over de vraagstukken van wereld en leven. Maar de antwoorden die we dan vinden kunnen ons niet vervullen. Voor hem is het heel duidelijk: niemand kan zijn voltooiing bereiken zonder de dynamiek van de liefde.
 
Het is die liefdeskracht die hij in mensen aan het licht zag komen. Titus Brandsma gebruikt graag het beeld van de mens die gaat stralen. Want … wanneer je God eenmaal ontmoet en Hij je mens zijn mag vormen, dan wordt dat zichtbaar in een mens. Dit wekte in Titus een bijzondere aandacht voor mensen en vooral voor de mensen die materieel of geestelijk in de knel zaten. Altijd stond hij helpend paraat als iemand bij hem om hulp kwam. Hij kwam daardoor weleens in conflict met zijn wetenschappelijke verplichtingen. Hij kon echter geen nee zeggen tegen alles dat op hem af kwam en een beroep op hem deed. Door alles heen zag hij de stralende aanwezigheid van Gods liefde in en voor mensen.
 
Ooggetuigen vertelden dat hij zelfs in de hel van de concentratiekampen het vertrouwen bleef houden dat die liefde in onze mensengeschiedenis het laatste woord zal hebben. Titus bleef in woord en daad daarvan getuigen en gaf zo zijn medegevangenen de moed om uit te houden. Zelfs in de mensen die hem mishandelden en die hem uiteindelijk zouden doden bleef hij Gods aanwezigheid geloven.
 
Net als pater Titus Brandsma, zijn wij ‘kinderen van God’. Zonder Hem, zonder vertrouwen op God, kunnen we liefhebben zoals Jezus niet opbrengen. In de eerste lezing zien we dat bij Paulus en Barnabas die overal waar ze komen van Jezus’ boodschap van liefde getuigen. Ze kunnen dat omdat ze “aan Gods genade waren toevertrouwd”, door “de Geest uitgezonden zijn”.
 
Ook wij moeten inspelen op Gods genade…we moeten ons vertrouwd maken met Jezus’ gebod van de liefde. Alleen zo zullen we God in ons midden ervaren…want…
 

Als je geen liefde hebt voor elkaar,
vallen de dromen in duigen.
Als je geen liefde hebt voor elkaar;
leef je buiten Gods gloria.
 
Als je geen liefde hebt voor elkaar,
verflauwt je band met God;
Als je geen liefde hebt voor elkaar,
is zijn heerlijkheid minder zichtbaar.
 

o.a.m.d.g.
 
Paul De bois ocd

 

deze homilie als pdf

Overzicht van alle homilieën.

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven