Homilie Pater Paul De Bois 20 maart 2022 : 3de zondag van de veertigdagentijd C

In de eerste lezing vandaag wordt verteld dat God zich aan Mozes laat kennen. Mozes die helemaal niet op zoek is naar God. Mozes is gewoon zijn werk aan het doen: kudden hoeden. Toch trekt een vreemd verschijnsel zijn aandacht: een doornstruik die in lichter laaie staat en toch niet verbrandt. Mozes gaat kijken. Wanneer hij naderbij komt zegt God hem wie hij is: “Ik ben de God van Abraham, de God van Isaac en de God van Jacob”.
 
Meteen blijkt ook dat God niet zomaar aanwezig is. “Ik heb de ellende van mijn volk in Egypte gezien. Ik daal af om mijn volk te bevrijden”, zegt God. Daarom wil Hij Mozes naar het volk zenden om in Zijn naam bevrijding te bewerken. God gaat niet zelf ingrijpen … Hij doet beroep op een mens, op Mozes. Maar die staat er niet alleen voor. God de Heer verzekert Mozes altijd bij hem en bij zijn volk te zijn.
 
Toch is Mozes nog niet overtuigd en vraagt hoe hij de Israëlieten moet antwoorden als ze vragen in naam van welke God Mozes spreekt. Dan zegt God heel eenvoudig: “Ik ben die is”.
 
“Ik ben die is”…een eenvoudig zinnetje dat ons zegt dat God op alle momenten van onze geschiedenis aanwezig is. Dat Hij betrouwbaar is en dat Hij er is voor alle mensen, ook voor wie, net zoals Mozes, niet echt naar Hem op zoek zijn. “Ik ben die is”, is Zijn naam. Daarmee maakt God zich voor eeuwig kenbaar. Hij is niet alleen verleden of toekomst, nee, Hij is hier en nu. Zo wil Hij hoop zijn die zekerheid is en ook troost in bange dagen: God de Heer is altijd onder ons aanwezig.
 
Dat blijkt ook in het Evangelie.
 
Men komt Jezus vertellen van de wreedheden van Pilatus: ze vertellen over de mensonterende wijze waarop Galileeërs werden gedood. Op zijn beurt vertelt Jezus over achttien mannen die bij hun verzet tegen Pilatus om het leven kwamen toen een toren op hen instortte. Het is niet omdat ze zondige mensen waren … dat zijn we allemaal. Jezus verbindt er waakzaamheid en verantwoordelijkheid mee.
 
De Bijbel is het verhaal van God die een verbond sluit met zijn volk. Om dat verbond een kans te geven is Jezus heel duidelijk: “Als ge u niet bekeert, zult ge allen op een dergelijke manier omkomen”.
 
Zich bekeren is net zoals Mozes deed, meewerken met God. Is zich inzetten voor het Koninkrijk van God en dat is een Rijk van liefde en vrede. Het komt enkel tot stand wanneer mensen – ook wij vandaag – er ons willen voor inzetten.
 
Lees je het Oude en Nieuwe Testament eens door, dan zie je dit steeds terugkomen: God wil er zijn voor mensen. Maar de mensen keren zich altijd weer opnieuw van Hem af. Gaan hun eigen wegen. Telkens weer is er de nood om bekering, om zich als volk en als individu opnieuw naar God toe te keren. Ook vandaag. We zijn niet anders dan de bijbelse mensen. Ook wij gaan regelmatig zelfzeker onze eigen weg… zonder God. Of toch niet echt aan Gods hand.
 
Ook wij hebben daarom bekering nodig. We krijgen daarbij richtingwijzers aangereikt.
 
De God die zich aan Mozes laat kennen in de brandende doornstruik gaf later aan Mozes en zijn volk een “to do lijst”, de tien geboden. Het gaat in die geboden om verbondenheid met de God “die is”…die bij ons is, die met ons begaan is. Het gaat om geloven en om leven.
 
“Wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven”, zegt Jezus elders in het Evangelie, wanneer Hij bij het graf van zijn vriend Lazarus staat.
 
Dat ook ongelovigen en van God afgedwaalde mensen niet door God gestraft worden, komt tot uiting in de parabel die Jezus vertelt over de onvruchtbare vijgenboom. Als het van de eigenaar afhangt: omhakken die boom die maar geen vruchten draagt. De wijngaardenier wil het anders aanpakken: hij wil heel goed voor de vijgenboom zorgen en pas als echt niets helpt zal hij de boom omhakken.
 
Het is duidelijk dat in dit verhaal de eigenaar beeld is van de mens die enkel aan zichzelf en zijn eigenbelang denkt. De wijngaardenier is dan weer beeld van God die geduldig is en altijd opnieuw kansen geeft, ook als wij steeds dezelfde fouten maken. God is liefde! Daarom zegt Hij tot iedere mens van goede wil die zich wil bekeren: “Wees barmhartig, zoals Ik barmhartig ben”.
 
Zo ongeveer midden deze veertig dagen voorbereiding op Pasen zegt God dit ook tegen elk van ons: “Ik zal er altijd voor je zijn”. Hij vraagt van ons dat wij er, in zijn spoor, ook zouden zijn voor elkaar en voor al onze medemensen. Het eerst voor de zwakke, kwetsbare mens.
 
Laten we dat samen proberen te doen: geloven in God die ons nabij is en er voor Hem zijn en voor al onze medemensen.

 

 

deze homilie als pdf

Overzicht van alle homilieën.

Type je zoekwoorden hierboven en druk op Enter om te zoeken. Druk ESC om te annuleren.

Terug naar boven