Getuigenissen seculiere Karmel

Getuigenissen naar aanleiding van de tijdelijke en definitieve beloften op 16 december.

 

“Waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn.” (Mt. 6, 21)

 

Ons “Ja” voor het leven, is geen vanzelfsprekende of voor de hand liggende beslissing of keuze. Waarom? Waartoe? Wat is de basis van ons Ja? Wie of wat beweegt ons tot dit Ja? … Na vijf jaar noviciaat en in de aanloop naar onze beloften voor het leven, werd vanuit de vorming aan al de novicen gevraagd om de kern van ons definitieve “Ja” persoonlijk te formuleren. We bleken allen niet zozeer logische argumenten aan te dragen, dan wel te zijn afgedaald naar de realiteit op de bodem van ons hart. Zo schreef ieder van ons zijn of haar parel. Hier volgt uit elk van deze parels een klein fragment:

“Er is in mij een verlangen om te leven zoals God bedoeld heeft dat we leven. In de karmel vind ik wijze raad om dat vorm te geven in het dagelijks leven, met veel vallen en opstaan.”

“Het is niet zomaar toetreden tot een geestelijke orde, vereniging of wat dan ook; het is heel eenvoudig: Onze Lieve Vrouw van de Karmel houdt me gewoon zelf vast. Hoe zou ik dit willen of kunnen verbreken?”

“De genaden van de Liefde van Jezus Christus steeds meer en meer in daden om te zetten, en dan hoop ik om een voorbeeld te zijn om Hem te dienen, samen met Onze Lieve Vrouwke. De vreugde uitstralen, iedere dag, uit dankbaarheid voor al wat ik gekregen heb.”

“Om Jezus een plezier te doen, uit liefde en dank, wil ik mij volledig aan Hem schenken. Met Maria als Moeder, wens ik de hemel te bereiken samen met alle mensen die ervoor openstaan.”

“Ik heb al lang een grote voorliefde voor de Karmel. Ik ben de Heer zeer dankbaar dat ik mijn eeuwige beloften mag doen en leven als een echte Karmelietes in de wereld, tot heil van de H. Kerk en de wereld. Ik bid vooral voor roepingen, die zo onmisbaar zijn voor het heil van de zielen.”

“Die immer aanwezige stille tederheid, die glimp van heelheid en eeuwigheid, diep in m’n innerlijke ruimte, dát is de grond. Vruchtbare grond, waar Hij zijn woning heeft en er de voren drenkt en de kluiten effent. Midden in de wereld een weg van gebed en mystiek, dienstbaar aan de Vader en zijn mensen: Ja!”